Huis voor democratie en rechtsstaat

Organisatie van partijen

Politieke partijen zijn verenigingen en als zodanig hebben ze leden, een congres en een bestuur. De partijorganisaties bestaan uit plaatselijke afdelingen, die hun lokale besturen kiezen en de programma’s en de kandidatenlijsten voor de gemeenteraadsverkiezingen opstellen. De plaatselijke afdelingen zijn verenigd in grotere regionale eenheden, ook weer met hun eigen besturen en regionale taken en verplichtingen. De benamingen van deze regionale eenheden verschillen: kamerkringen bij het CDA, gewesten bij de PvdA en kamercentrales bij de VVD.

Bijna alle partijen hebben een congres of een algemene ledenvergadering als hoogste orgaan. Doorgaans komt dit orgaan één of twee keer per jaar bijeen. Daar worden besluiten genomen over de politieke lijn van de partij en over belangrijke politieke kwesties. De wijze waarop de leden zijn vertegenwoordigd verschilt van partij tot partij: soms bestaat een congres uit lokale of regionale vertegenwoordigers, in andere gevallen kunnen alle aanwezige leden stemmen op basis van het principe one man one vote, en in een derde categorie bestaat een combinatie van vertegenwoordigers uit afdelingen en individuele leden. Daarnaast zijn er verschillen in de manier waarop besluiten worden genomen. Ten slotte onderscheiden partijen zich ook van elkaar als het gaat om de interne politieke cultuur om bijvoorbeeld de rijen al dan niet te sluiten rondom partijleiders of partijbesluiten.
Enige tijd vóór de verkiezingen zijn er meestal buitengewone congressen om het verkiezingsprogramma en de kandidatenlijst vast te stellen. De laatste jaren hebben steeds meer partijen de leden de mogelijkheid gegeven om hun partijleider of partijvoorzitter te kiezen (in Nederland zijn dit gewoonlijk twee verschillende functies). Ten slotte heeft elke partij een secretariaat met professionele krachten die voor organisatie, administratie, voorlichting en promotie zorgen.
Er is één uitzondering op bovengenoemde regel: de PVV. Deze partij heeft geen leden en bestaat alleen uit volksvertegenwoordigers die namens de partij optreden.

Ledentallen

Het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP) van de Rijksuniversiteit Groningen houdt jaarlijks de ledentallen van de politieke partijen bij. Meer informatie over de ledentallen is hier te vinden.

Subsidiëring politieke partijen

Politieke partijen zijn van essentieel belang voor het functioneren van een democratie. Maar omdat hun inkomstenbronnen beperkt zijn, krijgen de Nederlandse politieke partijen subsidie van de overheid. Zij moeten echter aan enkele voorwaarden voldoen.* Zo moet een partij vertegenwoordigd zijn in de Eerste of Tweede Kamer. Bovendien moet een partij over ten minste duizend leden beschikken. Als aan deze voorwaarden is voldaan, krijgt elke partij een basisbedrag van ongeveer € 190.000 per jaar. Het subsidiebedrag is verder afhankelijk van het aantal zetels in het parlement en het aantal partijleden. Per Kamerzetel krijgen partijen € 54.600 en per lid ongeveer € 6,60. De subsidie kan onder meer worden gebruikt voor vorming en scholing, informatievoorziening, het werven van leden, contacten met buitenlandse partijen en activiteiten in het kader van verkiezingscampagnes. Daarnaast krijgen partijen nog extra subsidie indien ze beschikken over een politiek-wetenschappelijk instituut en een politieke jongerenorganisatie. De PVV krijgt geen subsidie omdat deze partij geen leden heeft; er bestaan echter plannen om de eis van duizend leden te schrappen.
* De hier genoemde regelingen en bedragen gelden voor 2012.

Politieke jongerenorganisaties

Bijna alle politieke partijen hebben aan hen verwante jongerenorganisaties. Deze politieke jongerenorganisaties (pjo’s) hebben hun eigen leden; het lidmaatschap staat in principe open voor jongeren van 14 tot en met 27 jaar. Tezamen hebben ze bijna 32.000 leden, als volgt verdeeld (cijfers september 2017, met dank aan Jesse Linnartz):
Christen Democratisch Jongeren Appèl (CDJA – CDA), 1800 leden
Perspectief (ChristenUnie), 1700 leden
Jonge Democraten (JD – D66), 6000 leden
Dwars (GroenLinks), 3500 leden
Jonge Socialisten (JS – PvdA), 2000 leden
Pink! (PvdD), 1200 leden
SGP-jongeren (SGPJ), 7000 leden
Rood (SP), 2000 leden
Jongerenorganisatie Vrijheid en Democratie (JOVD – VVD), 3000 leden
OPPOSITIE (DENK), 550 leden
Jongerenorganisatie FVD (JFVD – Forum voor Democratie, 3000 leden

De politieke jongerenorganisaties houden zich vooral bezig met educatieve activiteiten en proberen de belangen van jongeren bij hun moederpartij te behartigen. Soms nemen zij zeer kritische standpunten in als het gaat om actuele of fundamentele kwesties. Desalniettemin kunnen de jongerenorganisaties worden beschouwd als kweekvijver voor menig toekomstige politieke carrière.